|
In een weelderige klankzinnelijkheid en met
gebruik van fascinerende harmonische contrasten
geeft Dietrich Buxtehude, van wie ons geen brief
of persoonlijk document is overgeleverd, zich
bloot in zijn eigen intieme persoonlijke devotie
en religieus beleven. Wellicht juist daardoor is
het dat deze muziek direct tot het hart spreekt.
In de zeven Cantates gebruikt Buxtehude een
sterk beeldende taal waarmee hij de muzikale
meditaties over Jezus’ voeten, knieën, handen,
lendenen, borst, hart en gelaat in een helder en
vriendelijk licht doopt. Vijfstemmige soli en
koordelen wisselen met aria’s en instrumentale
ritornelli.
DDe strijkers in het consort worden bij de
Cantate AD COR (het hart) geheel
gevormd door de ‘kwetsbare’ maar indringende
viola’s da gamba. Overal blijft de muziek helder
en spiritueel.
Zeker, we hebben niet te maken met een werk
dat voor liturgische doeleinden is geschreven
maar het passiethema pijn, hoop en verlossing
maakt deze prachtige cyclus tot een prachtig
alternatief voor de overbekende Johannes
en Matthäus.
- Muzikale leiding: Huub
Ehlen
- Solisten:
- sopraan Hannah
Morrison
- sopraan Hayat Chaoui
- alt Christa Pfeiler
- tenor Henning Kaiser
- bas Thilo Dahlmann
|